Basis5 minuten lezenBijgewerkt 21 september 2026
Welke training zet je als eerste online?
Kort antwoord
Kies een training die vaak draait, waarvan de inhoud een paar jaar stabiel blijft en waar opdrachtgevers al om vragen. Hij moet niet afhangen van één trainer en een deel moet zich goed lenen voor zelfstudie. Je paradepaardje of je meest complexe training is zelden de beste eerste keuze.
Op deze pagina
Als een bureau besluit om online te gaan, heeft bijna iedereen een favoriet. De directeur denkt aan de training die de meeste omzet maakt. Een trainer wil zijn eigen specialisme online zetten. Een accountmanager noemt de training waar een grote opdrachtgever naar vroeg. Ze kunnen allemaal gelijk hebben, maar de eerste keuze weegt zwaarder dan de rest. Aan de eerste training leer je de werkwijze. Gaat die moeizaam, dan is de rest van het team voor jaren sceptisch.
Waarom de eerste keuze zwaarder weegt
De eerste online training is tegelijk een product en een leerproject. Je leert hoe lang het maken van een les duurt, hoe deelnemers zelfstudie oppakken, hoeveel begeleiding er nodig is en hoe opdrachtgevers reageren. Die ervaring gebruik je voor alle volgende trainingen.
Daarom wil je een training waarbij de kans op succes groot is en waarbij je snel genoeg uitvoeringen hebt om van te leren. Een training die twee keer per jaar draait, geeft je pas na een jaar genoeg ervaring om te verbeteren.
Vijf criteria om op te scoren
Beoordeel elke kandidaat op deze vijf punten:
- Hoe vaak draait hij? Hoe meer uitvoeringen of deelnemers per jaar, hoe sneller je de investering terugverdient en hoe sneller je leert.
- Hoe stabiel is de inhoud? Een training die elk jaar verandert door nieuwe regels of software, vraagt veel onderhoud. Kies liever een onderwerp dat een paar jaar meegaat.
- Vragen opdrachtgevers erom? Als klanten al vragen naar voorbereiding, naslag of flexibele start, heb je meteen kopers.
- Leunt hij op één trainer? Als alleen één persoon de training kan geven en die zijn materiaal niet wil delen, loop je vast. Maak eerst afspraken met freelance trainers over materiaal als een freelancer de inhoud heeft ontwikkeld.
- Is een deel geschikt voor zelfstudie? Uitleg van begrippen, modellen, procedures en voorbeelden gaan goed online. Oefenen met elkaar en feedback op gedrag blijven vaak beter in de zaal. Meer daarover in wat je beter in de zaal houdt.
Een scoretabel
Geef elke kandidaat per criterium een score van 1 tot 3. De trainingen en scores hieronder zijn een voorbeeld.
| Training | Frequentie | Stabiele inhoud | Vraag klanten | Niet afhankelijk van één trainer | Deel zelfstudie | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Feedback geven | 3 | 3 | 2 | 3 | 2 | 13 |
| Nieuwe wetgeving voor HR | 2 | 1 | 3 | 2 | 3 | 11 |
| Leiderschap voor directies | 1 | 3 | 1 | 1 | 1 | 7 |
In dit voorbeeld wint de training feedback geven. De wetgevingstraining scoort op vraag en zelfstudie, maar de inhoud verandert te vaak voor een eerste project. De leiderschapstraining draait weinig, hangt aan één trainer en draait om gesprek. Dat is een training die je beter in de zaal houdt.
Twee kanttekeningen bij het scoren. Vul de frequentie in met echte getallen uit je planning, niet uit je geheugen. Trainingen die als druk voelen, draaien soms minder vaak dan gedacht. En laat de trainer die de training geeft meescoren op stabiliteit en zelfstudie. Die weet het best welke delen van zijn training elk jaar veranderen en welke uitleg hij elke keer op dezelfde manier geeft.
Weeg de criteria gerust anders als je bureau daar reden voor heeft. Een bureau dat vooral in-company werkt, kan vraag van klanten zwaarder laten tellen. Het gaat erom dat de keuze uitlegbaar is aan het team.
Wat je van de gekozen training online zet
Na de keuze volgt de vraag welk deel online gaat. Zelden is dat de hele training. Bij een eerste ombouw werkt het vaak goed om te beginnen met een online voorbereiding en een natraject. De zaaldag blijft staan, deelnemers komen beter voorbereid binnen en oefenen daarna door. Dat is de kleinste stap met een zichtbaar resultaat voor de opdrachtgever.
Loop de training per blok door en noteer bij elk blok of het in de zaal blijft, online gaat als zelfstudie of een live online sessie wordt. De ombouwscan helpt je om dat per blok te beoordelen.
Veelgemaakte fout: het paradepaardje als eerste kiezen. De training waar het bureau om bekendstaat, is vaak ook de training met de meeste persoonlijke inbreng van één trainer, de meeste gesprekken en de hoogste verwachtingen. Juist die is het lastigst om online goed te krijgen. Wie daar begint, leert de werkwijze onder de grootste druk. Begin met een training die eenvoudiger is en zet het paradepaardje later om, met de ervaring die je dan hebt.
Toets de keuze voordat je begint
Voordat je de keuze vastlegt, loop je deze controle langs:
- De trainer die de training geeft, wil meewerken en heeft er tijd voor.
- Het materiaal is van het bureau, of er zijn afspraken over het gebruik.
- Er is minstens één opdrachtgever of groep die de eerste versie wil testen.
- De inhoud gaat naar verwachting een paar jaar mee zonder grote herziening.
- Je weet ongeveer hoeveel deelnemers of uitvoeringen er per jaar zijn.
Vink je alles af, dan heb je een goede kandidaat. Twijfel je bij het eerste punt, neem die twijfel dan serieus. Een trainer die niet achter de ombouw staat, zal het resultaat ook niet enthousiast aan deelnemers presenteren.
Na de eerste training
Leg vast wat je bij de eerste training leert en gebruik dat bij de keuze voor de tweede. Misschien blijkt zelfstudie beter te werken dan gedacht en kun je een grotere stap zetten. Of het blijkt dat begeleiding meer tijd kost en je bij de volgende training een ander verdienmodel nodig hebt. Hoe je de rest van je aanbod beoordeelt, staat in je trainingsportfolio doorlichten in één middag.
Vragen die vaak terugkomen
Moet de eerste online training onze bestverkochte zijn?
Vaak wel, omdat een training die vaak draait de investering het snelst terugverdient. Maar alleen als de inhoud stabiel is en niet volledig op één trainer leunt.
Kunnen we beter met een nieuwe training beginnen?
Meestal niet. Bij een nieuwe training weet je nog niet of er vraag naar is. Bij een bestaande training weet je dat al en heb je materiaal om van uit te gaan.
Wat als twee trainingen even hoog scoren?
Kies dan de training met de trainer die er het meeste zin in heeft. Een enthousiaste trainer maakt de eerste ombouw veel makkelijker.